AOW-leeftijd blijft stijgen. Afwachten is geen optie.

Als er één crisis is die je van mijlen ver kunt zien aankomen, dan is het wel de vergrijzing. Met andere woorden: de verhouding tussen de beroepsbevolking en AOW-gerechtigden raakt steeds verder uit balans. Als de plannen van het regeerakkoord 2026 doorgaan, dan moet iedereen die in 1985 geboren is doorwerken tot hun 70ste. Ben je in 1995 geboren? Dan kun je pas ‘genieten’ van je pensioen als je 71 bent.

Structureel probleem

Als er één crisis is die je van mijlen ver kunt zien aankomen, dan is het wel de vergrijzing. Met andere woorden: de verhouding tussen de beroepsbevolking en AOW-gerechtigden raakt steeds verder uit balans. Tegelijkertijd zijn loon- en inkomensbelasting de belangrijkste inkomensbronnen van de overheid, terwijl sociale zekerheid en de arbeidsmarkt tot de grootste uitgavenpost behoren.

Simpel gezegd: er komt relatief minder geld binnen en er gaat meer uit. Daarbovenop wil de overheid extra investeren, bijvoorbeeld in defensie. Hoewel economische groei en innovatie dit deels kunnen opvangen, is het aannemelijk dat de overheid de komende jaren zal blijven zoeken naar manieren om de overheidsfinanciën houdbaar te houden.

En dat zien we nu al terug. Het beoogde nieuwe kabinet opent opnieuw de discussie over de verhoging van de AOW-leeftijd. Het huidige uitgangspunt is dat voor elk jaar dat de levensverwachting stijgt, de AOW-leeftijd met acht maanden omhooggaat. De toekomstige coalitiepartijen willen de AOW-leeftijd gelijktrekken met de levensverwachting.

Niet alleen de AOW

De stijging van de AOW-leeftijd staat niet op zichzelf. Ook andere fiscale regelingen staan onder druk. Denk aan de hypotheekrenteaftrek, de aanhoudende onzekerheid rondom box 3 en het verder versoberen van een aantal andere aftrekposten. Dus minder zekerheid vanuit de overheid en meer verantwoordelijkheid naar het individu.

Waarom zelf regie nemen noodzakelijk is

Uit cijfers van onder andere DNB en het CBS blijkt dat een groot deel van de werkenden geen of onvoldoende pensioen opbouwt. Dat geldt niet alleen voor zelfstandigen, maar ook voor mensen in loondienst.

Specifiek voor ondernemers: waan je niet de illusie dat elk bedrijf winstgevend is of blijft en dat elke onderneming uiteindelijk met winst wordt verkocht. Bovendien is het de vraag of je tot je 70+ wilt of kunt blijven werken.

Zorg er in ieder geval voor dat je de touwtjes zoveel mogelijk in handen neemt en dat je een plan maakt om vermogen op te bouwen. Afwachten is in ieder geval een groot risico.

Wat je wél kunt doen

Je wordt dagelijks overspoeld met adviezen: investeer in aandelen zoals ASML of NVIDIA, beleg in Exchange Traded Funds (ETF’s) zoals de AllWorld of S&P500, diversifieer met edelmetalen zoals goud of zilver, of koop crypto’s zoals bitcoin of solana. Daarnaast hoor je veel over slimme constructies: pensioenbeleggen (box 1), vermogen opbouwen in een holding (box 2), of het optimaliseren van vermogensbelasting via bezittingen en schulden (box 3).

Marketingtechnisch leuk, maar in de praktijk is het vaak genuanceerder. Wat wel werkt, is een samenhangend plan. Een plan dat aansluit bij jouw wensen, doelen en risicobereidheid. Daarbij is spreiding essentieel: over verschillende beleggingscategorieën en, waar mogelijk, over meerdere fiscale boxen.

Tot slot

De AOW zal er waarschijnlijk nog even blijven, maar de vraag is hoeveel zekerheid je eraan wilt (of kunt) ontlenen. Wie de regie wil houden over zijn of haar toekomst, begint op tijd met plannen.

Meer weten? Stuur me gerust een bericht en plan een vrijblijvend kennismakingsgesprek.